Ik heb de grootste boom van mijn leven gezien.
(Beth)
Ik zat in het zwembad in Sportoase.
(Dagmar)
Ik vind het leuk dat de zon schijnt op vakantie.
(Alexis)
Op de camping zaten mussen. Ik gaf ze altijd eten. Het was
in Berlijn.
(Wolf)
We zijn naar een krokodillenboerderij geweest met echte
babykrokodillen en die van de Nijl.
(Enorah)
Ik heb veel gezwommen en harde plonsen gemaakt op een
camping in Frankrijk. Op de terugweg zijn we aan een zwembad met twee glijbanen geweest.
(Billy)
De speeltuin op vakantie in Frankrijk. De glijbaan en de wip
gingen super hard.
(Lena)
In Frankrijk zaten we op een camping in een tent. Er was ook
een zwembad. Voorbij het touw zat je in het diep.
(Robbe)
Ik had een zwembad vlak bij ons huis. Er was ook een
schommel in het gras in Spanje.
(Gijs)
Ik heb een heel leuk boekje gelezen over Assepoester.
(Kaat)
Het leukste van heel de vakantie was het zwembad op de
camping.
(Jos)
Het zwembad was diep. Er zat een waterspin in. Ik heb een
beetje leren zwemmen.
(Mauro)
De schommel boven het water was leuk!
(Siel)
Een diep zwembad in Zuid-Frankrijk.
(Wouter)
De zee was wild in De Haan.
(Mauro)
Een leuke boom om in te klimmen maar bij ons waren het dennenbomen.
(Mauro)













O wat een mooie vakantiekrant!
De zwembaden waren precies populair 🙂
Prachtig! Zo’n schommel boven het water zegt me wel wat. Weet je nog waar dat was, Siel?
kaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaat,
(sorry, wij kijken te veel ketnet), mag ik dat boek van Assepoep eens van je lenen?
Oh ja, er kwam daarjuist een spin boven mijn hoofd van het plafond naar beneden gevallen.
ik gilde: aaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaahhhaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaahhh
Die schommel was boven de vijver van de watermolen in Ayssènes. Het is een zespersoonsschommel waar je touwtrekgewijs (cfr. klokkenluiders) beweging in brengt.