Een voorproevertje van de zomer

Wij zijn gisteren naar het Provinciaal domein geweest met de hele klas. We zijn in de rivier geweest in de nieuwe speeltuin. Raven Anton, Lukas en ik hebben 4 kikkers gevangen. Rune, Lukas, Finn en ik maakten een wassalon.  Lukas en ik zijn in het diepe geweest. Rune en Lukas zijn onder de balk geweest.   Ik heb ook gezwommen. Ada, Louisa, Blen en Mauro zaten op de schommel, ik mocht er niet bij. Dat vond ik niet leuk. Alice mocht er ook niet bij.  Ik vond het jammer dat we niet hadden kunnen voetballen.  Ik denk dat de anderen dat ook spijtig vonden. Elmer   

Zoete herinneringen

Er was het spel met rovers en kaartjes. Ik zat bij team Enauwen. Je had een kaart met vakjes. Je kreeg een kroontje en moest dat kaartje ruilen maar dat kaartje kon afgepakt worden door de rovers. Ik vond ZE NIET ENG! Als de kaart vol was, kreeg je een tattoo.
Elmer

Top 12 van alles dat we gegeten hebben: mandarijn, peer, appel, boterhammen, yoghurt, cake, spaghetti, wraps, soep, wafels,  cornflakes, ijsjes. Ik vond  het lekker (anderen misschien niet).
Boris

Ik vond het leuk op kamp: de grote rivier was heel fijn. We hebben geketst met Wout en Barbara.
Wout ketste zes keer, dat was cool! De broodjes waren lekker. Ik ging met  mijn broodje in het water. Ik genoot in de zon. Was iedereen aan het genieten in de zon? Ik en Louisa zeker wel. Het was super leuk!
Blen

Op kamp moesten we een raadsel oplossen. Boris wist al snel het antwoord.
We kregen een tip en met de tip moesten we hout sprokkelen om het kampvuur aan te steken.
Daarna mochten we vrij spelen. Bij het kampvuur gingen we allemaal samen op boomstronken zitten en zongen we alle liedjes van het schooljaar. Er kwam plots een mooie jonkvrouw, ze was overvallen door een rover. Ze was heel ongelukkig want de koning had een vrouw en die heette Petronella. Petronella was gestorven en daarna was de koning gestorven van verdriet.
De koning had voor hij stierf een zwaard in een steen gestoken. Hij had gezegd dat wie het uit de steen kon trekken, die zou al zijn spullen krijgen. Je zou het zwaard enkel uit de steen kunnen trekken als je tegelijkertijd de laatste woorden van zijn vrouw Petronella zou uitspreken.
De jonkvrouw kende de woorden. Maar ze was overvallen en ze had de woorden moeten zeggen.
Die avond was er een tweegevecht. De overvaller zou proberen het zwaard uit de steen te trekken maar dat  mocht niet gebeuren.
We gingen allemaal samen op zoek naar het tweegevecht in het bos.  Het was koud.
De jonkvrouw zag rook. We gingen dichterbij. De rover en de goede waren aan het vechten. We riepen de laatste woorden van Petronella. De goede trok het zwaard uit de steen en de rover verdween.
Ada

We speelden een spel waarbij je gekleurde balletjes aan mekaar doorgeeft. Als de balletjes tot op het einde zijn doorgegeven, moest iemand ze naar een schild gooien. Er was team blauw, die moesten de balletjes in blauwe verf dompelen en team rood, die moesten de balletjes in rode verf dompelen.
Als er meer rood op het schild was, zou het rode team winnen, anders het blauwe team.
Mauro

De picknick was kei-lekker. Dankjewel daarvoor. Ik vond het niet zo leuk dat sommigen gras gooiden in het water. Dan heb je niet zoveel respect voor de natuur.
Alice

Het was heel leuk en spannend in de rivier. Het water was wel heel koud. Ik ging in de rivier met alice.
Safiya

Ik vond het leuk dat mijn mama een rover was. Dat was echt zo. Ik vond mijn team niet terug. Het kampvuur vond ik gezellig omdat het met iedereen samen was. Het spannendste vond ik dat Wout uit de struiken gesprongen kwam.
Max

We hadden kaartjes om een stad te bouwen voor een jonkvrouw die zat te wenen. Haar stad was afgebrand omdat ze dachten dat ze een heks was.
Raven

Ik vind het fijn dat er rovers waren. Ze waren echt niet eng maar wel cool. Ze hadden een pak aan en eentje een hoed. Die twee rovers waren best wel snel.
Finn

Ik heb kikkerdril gezien in de poel en ik heb kikkers gevonden en gevangen. Ik heb ook twee bruine kikkers gezien maar die kon ik niet vangen, ze waren te slim. De kleine bruine kikker sprong over het netje van Raven.
Anton

Ik vond de jonkvrouw heel mooi. Ik was wel bang toen ik de ridders zag, ook al wist ik dat het Tom en Wout waren. De jonkvrouw was verdrietig omdat alles verbrand was.
Valerie

Er was een jonkvrouw. Ze riep; de koning is gestorven. De koningin heette Petronella. We moesten de laatste woorden van Petronella weten, de jonkvrouw vertelde ze ons: “Fortuna vitrea est; tum cum splendet frangitur.” We moesten de woorden zeggen om het gouden zwaard uit de steen te pakken.
Louisa

Bij het spel met de rovers was er veel rook rond de kapel. De mama van Max was de snelste.
Rune

Ik vond het leuk dat we ballen gooiden. We dopten ze eerst in de rode of in de blauwe verf. Dan liep iemand naar iemand anders, die liep de trap af naar nog iemand en die bracht het balletje naar iemand die de bal tegen het wapenschild moest gooien. Het wapenschild stond op een groot papier.
Lukas